Wijziging van de procedure inzake stedenbouwkundige meldingen en andere recente wijzigingen van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening

Wijziging van de procedure inzake stedenbouwkundige meldingen en andere recente wijzigingen van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening. 

Het decreet van 18 december 2015 houdende diverse bepalingen inzake omgeving, natuur en landbouw en energie heeft een aantal wijzigingen doorgevoerd, waaronder een wijziging van de procedure inzake stedenbouwkundige meldingen, waardoor een loutere aktename door de gemeente niet meer volstaat.

Het decreet van 18 december 2015 houdende diverse bepalingen inzake omgeving, natuur en landbouw en energie verscheen op 29 december 2015 in het Belgisch Staatsblad en trad in werking op 8 januari 2016.

Een aantal relevante wijzigingen worden hieronder kort toegelicht.

 

Procedure stedenbouwkundige meldingen

In het verleden kon de gemeente enkel akte nemen van meldingen en ze opnemen in het vergunningenregister. In de toekomst is een echt nazicht van meldingen vereist, waarbij dient te worden onderzocht of de gemelde handelingen meldingsplichtig of niet verboden zijn. Ook kunnen voorwaarden worden opgelegd in de meldingsakte.

Voordien kon een melder na twintig dagen starten met het uitvoeren van de gemelde handelingen. Nu dient de melder echter te wachten tot hij de aktename van de gemeente heeft ontvangen. De gemeente heeft voor deze aktename dertig dagen. Pas na ontvangst van de aktename kan de melder de handelingen uitvoeren.

Daarenboven kunnen aktenames van meldingen in beroep aangevochten worden bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen. Daarom is ook een aanplakking van de mededeling dat akte genomen werd van de melding ter plaatse in de toekomst verplicht.

Deze wijzigingen traden in werking op 8 januari 2016, waarbij artikel 4.2.2 VCRO in die zin werd aangepast. Door deze wijziging werden de meldingsformulieren in beperkte mate aangepast. De nieuwe regeling is van toepassing voor meldingen verricht na 8 januari 2016. Meldingen verricht voor deze datum volgen de vroegere procedure.

 

Andere recente wijzigingen

Middels hetzelfde decreet werd ook artikel 4.7.1 §2 VCRO aangevuld. Dit artikel somt de vergunningsaanvragen op die steeds overeenkomstig de reguliere procedure dienen te worden behandeld.

Vanuit het subsidiariteitsprincipe was het vreemd dat herzieningen of opheffingen van verkavelingen niet door de gemeente werden beslist. Ook was het vreemd dat de gemeenten niet over alle scholenbouwprojecten konden beslissen. Voortaan volgen de aanvragen tot herziening of opheffing van een verkavelingsvergunning, vermeld in artikel 4.6.6. van de VCRO, en de aanvragen voor scholenbouwprojecten en voor de bouw van universitaire instellingen, met inbegrip van internaten en studentenkamerwoningen, de reguliere procedure.

Ook werd er in artikelen 4.2.5 en 4.4.1 VCRO een verduidelijking gemaakt betreffende niet-vergunningsplichtige handelingen.

Naast de vergunningsplichtige handelingen (cf. art.4.2.1 van de VCRO, inclusief vrijgestelde handelingen en meldingsplichtige handelingen), zijn er ook niet-vergunningsplichtige handelingen, bijvoorbeeld het schilderen van een gevel.

Dergelijke handelingen (met uitzondering van onderhoudswerken) worden heden uitdrukkelijk niet meer beschouwd als strijdig met de voorschriften van het gewestplan, plannen van aanleg, uitvoeringsplannen of verkavelingsvergunningen. Provincies en gemeenten kunnen deze niet-vergunningsplichtige handelingen ook niet langer omzetten in vergunningsplichtige handelingen via verordeningen.

Het valt nog af te wachten wat voormelde wijzigingen met zich mee zullen brengen in de toekomst.

GD&A Advocaten volgt dit alvast verder voor u op. 

Auteur: Gregory AERTS

 

Meer info?
Contacteer Alisa KONEVINA
Advocaat
Tel. 015/40.49.40 of alisa.konevina@gdena-advocaten.be

 

Meer info?
Contacteer Tom SWERTS
Advocaat-vennoot
Tel. 015/40.49.40 of tom.swerts@gdena-advocaten.be