Fiscus bevestigt: geen btw-vrijstelling op terbeschikkingstelling personeel aan EVA’s

Fiscus bevestigt: geen btw-vrijstelling op terbeschikkingstelling personeel aan EVA’s

In de Beslissing Btw nr. E.T.128.015 dd. 12.02.2016 heeft de fiscus de nieuwe circulaire over het btw-statuut van overheden (Circulaire AAFisc Nr. 42/2015 (nr. E.T.125.567) dd. 10.12.2015) in 17 concrete vragen en antwoorden toegepast (FAQ). De laatste vraag betreft de toepassing van de btw op de doorrekening van personeelskosten tussen overheden.

Diverse nieuwsberichten lijken de indruk te wekken dat lokale besturen en andere overheidsinstanties nooit btw moeten aanrekenen op de vergoeding voor personeel dat ze aan elkaar ter beschikking stellen. GD&A advocaten stelde reeds vorige week dat deze interpretatie te ruim is. De centrale diensten van de btw-administratie bevestigen nu inderdaad de strenge interpretatie. 

FAQ 17 luidt letterlijk als volgt: 

17. Is een gemeente of een OCMW belastingplichtig voor de terbeschikkingstelling van personeel aan een ander publiekrechtelijk lichaam? 

De administratie aanvaardt dat de terbeschikkingstelling van personeel door een gemeente of een OCMW aan een ander publiekrechtelijk lichaam geen aanleiding geeft tot (potentiële) concurrentieverstoring in de zin van artikel 6, tweede lid, van het Btw-Wetboek. 

Niettemin behoudt zij zich het recht voor op dit standpunt terug te komen wanneer zou blijken dat andere private economische operatoren die gelijkaardige handelingen verrichten hier enig nadelig gevolg van zouden ondervinden.”. 

De centrale diensten van de btw-administratie bevestigen nu dat er enkel sprake van niet-concurrentieverstoring (en dus geen btw-plicht) indien een publiekrechtelijk lichaam, onderworpen aan het bijzondere btw-statuut van artikel 6 WBTW, personeel ter beschikking stelt aan een ander publiekrechtelijk lichaam, eveneens onderworpen aan het bijzondere btw-statuut van artikel 6 WBTW. 

Dit betekent concreet dat de terbeschikkingstelling van personeel tegen vergoeding aan AGB’s of OCMW-verenigingen wel concurrentieverstorend (en dus belastbaar) is, vermits deze EVA’s niet onder het toepassingsgebied van art. 6 WBTW vallen. Dit wordt uitdrukkelijk door de fiscus bevestigd. 

VZW’s, ook al betreft het privaatrechtelijke EVA’s, vallen eveneens uit de boot van de tolerantie, vermits ze niet publiekrechtelijk van aard zijn. 

De circulaire bevestigt wel duidelijk dat gratis diensten, zoals het kosteloos ter beschikking stellen van personeel, niet aan de btw worden onderworpen (randnummers 27 en 28 circulaire). Het kosteloos ter beschikking stelen van personeel lijkt dan ook een valabele oplossing om geen btw te moeten aanrekenen op personeelskosten die bij het EVA (AGB, OCMW-vereniging,…) mogelijks niet aftrekbaar is. 

Daarnaast bestaan er evenwel technieken, zoals de btw-eenheid, die facturatie tussen verbonden entiteiten toch buiten de btw-sfeer kunnen houden. Bovendien bestaan er ook specifieke regelingen, zoals bijvoorbeeld ten behoeve van samenwerkingsverbanden in de zorgsector, die btw-vrijstelling voor terbeschikkingstelling van zorgpersoneel toelaten (Circulaire nr. AAFisc 36/2012 (E.T.123.129) dd. 27.11.2012). 

Als specialisten btw, verzelfstandiging en zorg volgt GD&A advocaten deze materie op de voet. Uiteraard staan wij graag tot uw beschikking om oplossingen op maat aan te reiken. 

Auteur: Steven Michiels

Meer info?

Contacteer Steven MICHIELS
Advocaat-vennoot
Tel 015/40.49.40 of steven.michiels@gdena-advocaten.be