De nieuwe financiering voor zorginfrastructuur weer een stapje dichterbij

De nieuwe financiering voor zorginfrastructuur weer een stapje dichterbij 

Er is reeds geruime tijd geweten dat de Vlaamse Regering grootse plannen heeft met de VIPA-subsidiëring in de ouderenzorg. Nu zijn deze plannen iets concreter geworden. Op 3 juni 2016 keurde de Vlaamse Regering principieel een amendement goed bij het mozaïekdecreet ouderenzorg.

Het Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden of het VIPA is verantwoordelijk voor het verlenen van subsidies voor grote infrastructuurprojecten binnen onder andere de ouderen- en thuiszorg. De laatste tijd worden er echter geregeld wijzigingen aangebracht in de VIPA-subsidieregeling. Onder het vroegere systeem werd er tot 60% van het bouwplafond gesubsidieerd. Dit bleek (voornamelijk) financieel niet meer haalbaar te zijn.

Op 3 juni 2016 heeft de Vlaamse regering principieel een amendement goedgekeurd bij het mozaïekdecreet ouderenzorg dat de decretale basis moet vormen voor de laatste stap in het hervormingsverhaal.

Het betrokken amendement impliceert de invoering van een forfaitaire subsidiëring als tegemoetkoming in de infrastructuurkosten per erkende woongelegenheid voor woonzorgcentra en centra voor kortverblijf. De vroegere link met de concrete investeringen die gedaan werden bij het bouwen of verbouwen van een woonzorgcentrum vallen aldus weg. In de plaats komt een forfaitaire subsidie van 5 euro per woongelegenheid per dag en dit voor onbepaalde duur.

Belangrijk is dat dit forfait in rekening moet worden genomen bij de bepaling van de ligdagprijs. Dit houdt in dat wanneer de ligdagprijs verhoogd zou moeten worden om de verbouwing van het woonzorgcentrum te financieren, de subsidie van 5 euro van de geplande verhoging in mindering moet worden gebracht. Stel aldus dat de prijs van 50 euro met 10 euro verhoogd moet worden om de kosten te dragen, dan zal er voor de bewoners slechts een verhoging van 5 euro voelbaar zijn.

De nieuwe regeling zal aldus minder voordelig zijn voor de woonzorgcentra en centra voor kortverblijf. Daar waar er onder het oude stelsel een subsidie bekomen kon worden voor 60% van het bouwplafond, komt de nieuwe regeling neer op een tussenkomst van ongeveer 38%. Het bedrag van 5 euro zal wel geïndexeerd worden.

Een noodzakelijke voorwaarde om in aanmerking te komen voor deze nieuwe regeling is dat de woongelegenheden die een forfaitaire tussenkomst zouden krijgen het voorwerp uitmaken van een bestaande exploitatie en dus erkend zijn, of dat de woongelegenheden gehonoreerd werden in de erkenningskalender.

Met de goedkeuring van het amendement dat deze hervorming de nodige wettelijke basis moet bieden wordt  een stuk van de puzzel van een nieuwe visie op de zorgfinanciering verder gelegd. Indien alles loopt zoals verwacht, zullen de woonzorgcentra die een financieel-technisch dossier hadden ingediend en dit jaar (2016) hun nieuwe of vernieuwde woongelegenheden in gebruik zullen nemen, hiervoor vanaf 2017 het voormeld besproken forfait ontvangen.

Laat ons hopen dat er geen kruiken meer breken want de taak van de Danaïden was er de laatste jaren in de ouderenzorg zeker niet lichter op geworden zoals de studie Pacolet eerder heeft aangetoond.

GD&A volgt de evoluties voor u verder op de voet! 

Auteur: Sarah VAN HAEGENDOREN

 

Meer info?
Contacteer  Cies GYSEN
Advocaat-vennoot
Tel. 015/40.49.40 of
cies.gysen@gdena-advocaten.be

Stéphanie TAELEMANS
Advocaat
Tel. 015/40.49.40 of
stephanie.taelemans@gdena-advocaten.be