Wijziging Vrijstellingenbesluit, Meldingenbesluit en gewestelijke verordening hemelwater

Wijziging Vrijstellingenbesluit, Meldingenbesluit en gewestelijke verordening hemelwater

26 oktober 2016

Op 19 september 2016 werd het besluit van de Vlaamse Regering van 15 juli 2016 houdende wijziging van diverse bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van handelingen waarvoor geen stedenbouwkundige vergunning nodig is, van diverse bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 betreffende de meldingsplichtige handelingen ter uitvoering van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en van artikel 10 van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

Met dit besluit wil de Vlaamse Regering het Vrijstellingenbesluit, het Meldingenbesluit en (in beperkte mate) de gewestelijke verordening hemelwater bijsturen waar nodig. Zo heeft de Vlaamse Regering een aantal bestaande vrijstellingen verduidelijkt, aangepast en gewijzigd. Tevens werden een aantal nieuwe vrijstellingen ingevoerd. De belangrijkste nieuwigheden worden hieronder besproken.

Nieuwe vrijstellingen

Nieuwe vrijstellingen worden onder bepaalde voorwaarden onder meer verleend voor:

oeververstevigingen aan kleine waterlopen;

constructies zoals ventilatiebuizen, airconditioningsinstallaties, schoorsteenpijpen, schoorstenen, dakgoten en hemelwaterafvoerbuizen aan op of een woning of gebouw, op voorwaarde dat deze niet meer dan drie meter boven de nok van het gebouw uitsteken zowel aan of op woningen als andere gebouwen;

afsluitingen en poorten in zeehavengebied;

de plaatsing  op privégebied van glasbollen, kledingcontainers en andere boven- of ondergrondse houders voor de selectieve verzameling en ophaling van afval voor zover de gezamenlijke oppervlakte bij woningen kleiner is dan 10 m² en bij andere gebouwen kleiner dan 20 m²;

de plaatsing van elektrische laadpalen voor het opladen van elektrische wagens bij zowel woningen als andere gebouwen;

de plaatsing van allerhande kleine tuinconstructies zoals tuinornamenten, brievenbussen en barbecues bij gebouwen andere dan woningen;

voorlopige opslag van afvalstoffen op hun plaats van productie, indien dit gebeurt i.f.v. een georganiseerde regelmatige afvoer van afvalstoffen;

allerhande constructies in land- en tuinbouwgebied zoals erosiedammen, sleufsilo's en seizoensgebonden opslag van groenvoer;

agroforestry: vellen van hoogstammige bomen die deel uitmaken van systemen voor grondgebruik waarbij de teelt van bomen wordt gecombineerd met landbouw op dezelfde grond;

het vellen van hoogstammige bomen die geen deel uitmaken van een bos, door of op verzoek van de leidingbeheerder of spoorwegbeheerder of indien ze zijn gelegen op openbaar domein, mits in de onmiddellijke omgeving in het eerstvolgende plantseizoen een herplanting gebeurt;

bepaalde veedrinkpoelen;

verruiming van tijdelijke plaatsing werfconstructies;

tijdelijke plaatsing van verplaatsbare constructies tijdens de uitvoering van vergunde verbouwingen of herbouwingen van gebouwen;

de inrichting van een tijdelijke camping in het kader van onder meer een evenement;

beperkte reliëfwijzigingen.


Verduidelijking van reeds bestaande vrijstellingen

Naast de nieuwe vrijstellingen wordt voor een aantal reeds bestaande vrijstelling een verduidelijking geformuleerd:

Voor open afsluitingen bij woningen of gebouwen wordt duidelijk gesteld dat ook toegangspoorten, pijlers en dergelijke onder de vrijstelling vallen.

Inzake de geldende vrijstelling voor niet-overdekte constructies wordt gesteld dat deze vrijstelling enkel slaat op constructies geplaats in de zij- of achtertuin.

Inzake gebruikelijke ondergrondse constructies op het openbaar domein wordt een niet limitatieve opsomming toegevoegd van voorbeelden zoals installaties voor het transport of de distributie van drinkwater, afvalwater, elektriciteit, aardgas en andere nutsvoorzieningen;

Met betrekking tot de publiciteit wordt verduidelijkt dat enkel de publiciteitsinrichtingen zijn vrijgesteld. Op die manier wordt de foutieve interpretatie dat publiciteit, aangebracht op constructies die zijn vrijgesteld van vergunning, op hun beurt ook automatisch zouden zijn vrijgesteld.

Voor pylonen, masten en windturbines wordt verduidelijkt dat deze vrijstelling geldt voor vergunde pylonen en masten, ongeacht of deze reeds bestaan of niet.

 

Aanpassingen, uitsluitingen en versoepelingen op reeds bestaande vrijstellingen

Het Vrijstellingenbesluit heeft een aantal aanpassingen, verduidelijkingen en versoepelingen toegepast. Bovendien werden een aantal vrijstellingen uitgesloten. Opgemerkt dat bij onderstaande uiteenzetting nog steeds rekening dient de worden gehouden met de specifieke voorwaarden per categorie die uitdrukkelijk in het Vrijstellingenbesluit zijn opgenomen.

Industriegebied
Wat betreft constructies, verhardingen en gebouwen in industriegebied worden de voorwaarden tot verkrijgingen van een vrijstelling versoepeld, en wordt de voorwaarde dat een milieuvergunning klasse I of II is verleend, opgeheven, aangezien deze bepaling voor verwarring zorgde als het ging om installaties of constructies die in se niet milieuvergunningsplichtig waren.

Land- en tuinbouw
Constructies die dienen voor de teelt of bescherming van landbouwgewassen zijn hagelnetten, antivogelnetten, plastiektunnels, constructies ter ondersteuning van de gewassen, windschermen enz.

In principe dienen deze na de oogst te worden verwijderd. Evenwel zijn voortaan constructies, m.u.v. hagelkanonnen, glasconstructies en gebouwen, met een maximale hoogte van 3,5 meter of tot maximaal 1,5 meter boven de teelt vrijgesteld indien (1) ze dienen voor de teelt of bescherming van landbouwgewassen; (2) hemelwater  wordt opgevangen en hergebruikt of op natuurlijke wijze op eigen terrein in de bodem kan infiltreren en (3) de constructies niet zijn gelegen in ruimtelijk kwetsbaar, erosiegevoelig of overstromingsgevoelig gebied.
Voortaan laat het Vrijstellingenbesluit een toegelaten totale oppervlakte toe van 40 m² i.p.v. 20 m², waarbij meerdere schuilhokken mogelijk zijn.

Handelingen in uitvoering van diverse, wettelijk verankerde en goedgekeurde inrichtingsprojecten
De vrijstelling voor handelingen in uitvoering van diverse, wettelijk verankerde en goedgekeurde inrichtingsprojecten geldt voortaan voor alle aangeduide handelingen in uitvoering van een goedgekeurd inrichtingsproject, ongeacht het detailniveau waarop deze zijn omschreven in de goedgekeurde plannen.

Tijdelijke handelingen
Daarnaast wordt de maximale duur voor de vrijstelling voor de tijdelijke plaatsing van constructies gewijzigd van 90 dagen per kalenderjaar naar 120 dagen met de precisering dat het moet gaan over een maximale duur van 4 keer dertig aaneengesloten dagen per kalenderjaar. Ook de overige voorwaarden worden duidelijk opgesomd.

Tijdelijke functiewijziging
Bovendien wordt er een wijziging ingevoerd inzake de termijn van de vrijstelling voor een tijdelijke functiewijziging. Wat betreft de tijdelijke functiewijziging voor jeugdverblijven wordt het tijdelijk gebruik van lokalen bestemd voor jeugdwerk als overnachtingsplaats voor de jeugd vrijgesteld.

Telecommunicatie
De vrijstelling voor antennes geldt voortaan voor alle installaties.

Evenmin is een stedenbouwkundige vergunning of toekomstige omgevingsvergunning nodig voor het plaatsen van communicatiekabels, leidingen en bijbehorende aanhorigheden zoals aansluitdozen aan de buitenkant van bestaande gebouwen.

Gebieden met waterproblematiek
Voor gebieden met een waterproblematiek wordt dan weer een uitsluiting geformuleerd op de bestaande vrijstelling, onder meer in een strook van 5 meter, te rekenen vanaf de bovenste rand van het talud van ingedeelde onbevaarbare en bevaarbare waterlopen.

Evenmin zijn de handelingen die in principe zijn vrijgesteld van een vergunning, niet langer vrijgesteld indien de handelingen zijn gelegen in de erfdienstbaarheidszone langs grachten van algemeen belang, opgelegd en in een afgebakende oeverzone, tenzij voormelde handelingen worden uitgevoerd door of in opdracht van de beheerder van de waterloop of gracht.

Impact op het Meldingenbesluit en de gewestelijke verordening hemelwater

De wijzigingen aan het vrijstellingenbesluit hebben een beperkte impact op het besluit betreffende de meldingsplichtige handelingen. Zo zullen voortaan een aantal handelingen in zeehavengebied meldingsplichtig zijn in plaats van vergunningsplichtig. Bovendien wordt met name het tijdelijk wonen en de opvang van asielzoekers in tijdelijke containers meldingsplichtig. 

Tot slot wordt in de gewestelijke verordening verduidelijkt dat deze verordening niet enkel van toepassing is op vergunningsplichtige en meldingsplichtige handelingen, maar dient te worden gerespecteerd voor elk op te richten gebouw, constructie of aan te leggen verharding groter dan 40 vierkante meter, ook als deze vrijgesteld wordt van de stedenbouwkundige vergunningsplicht. 

Auteurs: Eline SCHROYENS en Nathalie MORTELMANS

Meer info?
Contacteer Nathalie MORTELMANS
Advocaat
Tel. 015/40.49.40 of nathalie.mortelmans@gdena-advocaten.be

Contacteer Tom SWERTS 
Advocaat-vennoot
Tel. 015/40.49.40 of tom.swerts@gdena-advocaten.be