Een kus van de juf en een bank vooruit - wetsontwerp Wijziging Rechtsbeschermingswet Overheidsopdrachten is ook aangenomen.

Een kus van de juf en een bank vooruit - wetsontwerp Wijziging Rechtsbeschermingswet Overheidsopdrachten is ook aangenomen.

30 januari 2017

Nadat de ministerraad vlak voor het zomerreces het voorontwerp goedkeurde, is het nu “voor echt”. Door het ontwerp Wijziging Rechtsbeschermingswet zullen een aantal bepalingen van de Wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten ('de Rechtsbeschermingswet') worden aangepast en uitgebreid.

De aanpassing en uitbreiding van de Rechtsbeschermingswet is noodzakelijk. De rechtsbescherming is namelijk een belangrijke component van onze overheidsopdrachtenreglementering. Door het aannemen van de nieuwe Overheidsopdrachtenwet van 17 juni 2016, onder invloed van de Europese regelgever, drong een stroomlijning van de Rechtsbeschermingswet zich op. Ook voor de concessieovereenkomst werd er een plaatsje gereserveerd in het wetsontwerp aangezien deze overeenkomsten door de nieuwe Concessiewet van 17 juni 2016 een wettelijke verankering kregen.

Wat mogen we verwachten?

Naast de verruiming van het toepassingsbied is er nog een opvallende nieuwigheid. Een nieuwe mededelingsplicht wordt in het leven geroepen voor aanbestedende instanties die opteren voor een onderhandelingsprocedure of een dialoog. Op verzoek van een inschrijver, die een regelmatige offerte indiende, dient de aanbestedende instantie informatie te verstrekken aangaande het verloop van en de vooruitgang van de onderhandelingen.

Verder uniformiseert dit ontwerp de regels voor de mededeling van gemotiveerde beslissingen. Zo zullen de gunningsbeslissing, de beslissing tot selectie en deze van niet-plaatsing van de opdracht onder hetzelfde mededelingsregime vallen.

Omwille van de rechtszekerheid werd er in dit wetsontwerp voor gekozen om de aanvangsdatum van de beroepstermijn en deze van de wachttermijn te doen samenvallen. Deze termijnen lopen in casu vaak niet samen wat verwarring creëert.

Tot slot wordt het vraagstuk aangaande de forfaitaire schadevergoeding uit de Overheidsopdrachtenwet gehaald en ondergebracht in de Rechtsbeschermingswet.

Gaan we de zomer in met de inwerkingtreding van het nieuwe regelgevend kader?

Nu we eerder deze week ook reeds berichtten over het nieuwe KB Plaatsing lijkt er nog slechts één fundamenteel onderdeel te ontbreken die een mogelijke inwerkingtreding van de nieuwe wetten van 17 juni 2016 kan vertragen, met name het uitvoeringsbesluit met betrekking tot de concessieovereenkomsten. Uit het verslag van de bespreking van dit ontwerp in de commissie financiën en begroting blijkt dat dit uitvoeringsbesluit eveneens wordt uitgeschreven.

Nog spannender is echter het gegeven dat Minister Borsus verwacht dat al de besluiten in werking zullen kunnen treden op 1 juli 2017, rekening houdend met een termijn van drie maanden tussen de datum van bekendmaking in het Staatsblad en de datum van daadwerkelijke inwerkingtreding.

Het is dus goed mogelijk dat (reeds) over een half jaar (!) het nieuwe regelgevend kader inzake overheidsopdrachten en concessieovereenkomsten in werking zal treden. Instuderen geblazen dus!

GD&A Advocaten volgt de evoluties op de voet en houdt u quasi in real-time op de hoogte.


Auteur: Tessa Jordens
 
Meer info?
Contacteer Gitte Laenen
Advocaat-vennoot
Tel. 015/40.49.40 of gitte.laenen@gdena-advocaten.be