Een nieuwe lokale Grondwet? Le roi est mort vive le roi!

Een nieuwe lokale Grondwet? Le roi est mort vive le roi!

22 december 2017

Lange tijd leken zware onweerswolken te cirkelen boven het sinds 2014 in het Vlaams Regeerakkoord aangekondigde Decreet Lokaal Bestuur.  Sinds oktober van dit jaar is het begrip stroomversnelling echter een veel te zachte uitdrukking voor het tempo waarmee de codex van meer dan 600 artikelen door de Commissie, en nu ook op 21 december 2017 door het Vlaams Parlement, gejaagd werd.  Op de uitvoeringsbesluiten is het nog even wachten en wellicht ook op de eerste reparaties die met dergelijk stuntwerk gepaard gaan. Wel wordt voorzien dat een aantal overgangsbepalingen reeds in werking treden 10 dagen na de eerstdaags te verwachten publicatie in het Belgisch Staatsblad.  Alle hens aan dek dus.

Na de advisering door de Raad van State dd. 9 oktober 2017 (61.794/3) had de Vlaamse Regering exact 73 dagen  nodig om de ontwerpteksten aan te passen, zonder hoorzitting de 77 amendementen te pareren (deze van de oppositie) en te incorporeren (deze van de meerderheid) en het Decreet Lokaal Bestuur goedgekeurd te krijgen in het Vlaams Parlement.  Dit moet ongetwijfeld een record zijn voor een dergelijke als zeer ingrijpend aangekondigde hervorming.

Ongetwijfeld heeft één en ander er enerzijds mee te maken dat een aantal politieke knopen al eerder doorgehakt werden waarbij anderzijds in het verleden door de Minister een vrij ruime consultatieronde werd gereden. 

Of is de hervorming misschien toch niet zo wereldschokkend als in een aantal fora georeerd werd. Uiteindelijk blijft het speerpunt de maximale integratie van OCMW in de Gemeente. Zeker op politiek en ambtelijk vlak werden hier belangrijke stappen gezet die bedoeld zijn ten goede te komen aan een meer eengemaakt lokaal sociaal beleid, laagdrempeligheid en efficiëntiewinsten.

Daarnaast werden een aantal decreten (Gemeentedecreet, OCMW-decreet, Decreet Intergemeentelijke Samenwerking, Fusiedecreet) ondergebracht in één enkele tekst. Dit met de hoop om tot een vereenvoudiging van de regelgeving te komen, hoewel het resultaat met meer dan 600 artikelen en 200 pagina's er qua volume alvast mag wezen.

Wat betreft de onder vuur te komen liggen intergemeentelijke samenwerkingsverbanden valt een schrapping van de zitjes in de bestuursorganen op en de verdere aandacht voor implementatie van corporate governance in deze structuren.

Er is ook oog voor vereenvoudiging van de regelgeving.  Deze dient zich vooral aan op het vlak van het toezicht en de digitalisering. Het administratief  toezicht wordt hervormd  naar een ééntrapstoezicht  (enkel nog vernietiging) en het goedkeuringstoezicht wordt beperkt. Dit alles onder het terechte mantra van lokale autonomie. Ook de ondertussen geëvalueerde BBC-regeling wordt bijgestuurd.

Een aantal hervormingen zoals vooropgesteld in het regeerakkoord en de eerste teksten overleefden het afgelegde traject niet, zoals:

De volledige integratie van het OCMW  in de Gemeente;

Een volledig geïntegreerde beleidsplanning met primauteit op het niveau van de gemeenteraad;

De constructieve motie van wantrouwen;

Het loskoppelen van het voorzitterschap van de gemeenteraad van het uitvoerend mandaat;

Het schrappen van de carrousel van een nieuwe voordracht tijdens dezelfde legislatuur van een niet benoemde burgemeester;

(...)

Het Decreet Lokaal Bestuur zal volledig inwerking treden op 1 januari 2019. Een aantal bepalingen worden echter op het niveau van de inwerkingtreding vooruit geschoven. Logischer wijze gaat het in eerste instantie om de bepalingen die te maken hebben met de verkiezingen. Ook de overgangsbepalingen die ervoor moeten zorgen dat tot de invulling van de nieuwe directeursfuncties wordt gekomen, zullen onmiddellijk na de publicatie in het Belgisch Staatsblad in voege treden.

Het zijn deze laatste bepalingen die voor ophef zorgen in de sector, in combinatie met de vervroegde inwerkingtreding van de artikelen die te maken hebben met de eenheid van leiding. Kwatongen voorspellen een slachting onder de topambtenaren nu de functies van secretaris en financieel beheerder afgeschaft worden  en voor beide besturen liefst voor 1 augustus 2018 vervangen worden  door een unieke Algemeen Directeur en Financieel Directeur. Dit houdt in dat een aantal van de huidige secretarissen en financieel beheerders geheroriënteerd dienen te worden.

Een aantal koningen moeten hun kroon inleveren en het is niet altijd duidelijk of zij een ornament in de vorm van een passende functie in de plaats zullen krijgen.

De betrokken regeling op dit punt rammelt dan ook aan alle kanten en men weigerde zelfs een consensusvoorstel van de federaties van de topambtenaren  (ECG, VVOS, VLOFIN) en de VVSG bij wijze van amendement aan de parlementsleden voor te leggen.

Het laat zich aanzien dat er heel wat gezond verstand van lokale besturen, de topambtenaren en een voluntaristische houding van de toezichthoudende overheid aan te pas gaat moeten komen om deze transitie in het werkveld -nota bene in een verkiezingsjaar- te vertalen. Het is heel makkelijk iets moeilijk te maken. Het is veel moeilijker iets makkelijk te maken.

In elk geval lijkt daarbij aangewezen om de topambtenaren die dit veranderingsproces moeten trekken ten spoedigste comfort en rechtszekerheid te geven om in 2019 Gemeente en OCMW als twee aparte, maar toch op elkaar afgestemde,  rechtspersonen op de rails te zetten om de immense uitdagingen waar lokale besturen voor staan onder een gunstig gesternte tegemoet te treden.

ECG, VVOS en VLOFIN zijn ondertussen niet bij de pakken blijven zitten. Zij bundelen al de vragen van hun leden en trachten in de mate van het mogelijke éénvormige standpunten in te nemen. Daarnaast  zullen zij er voor ijveren om via modeltrajecten, modeldocumenten en best practices hun consensusmodel in te kapselen in de vandaag door het Decreet Lokaal Bestuur voorziene overgangsregeling .

GD&A ondersteunt hen en de lokale besturen daarbij om de eerste hordes bij de implementatie van het Decreet te nemen. Gelet de korte tijdspanne die rest tot de verkiezingen en de volledige inwerkingtreding van het Decreet kan men zich een valse start en terug naar af best besparen. 

Auteurs: Cies  Gysen, Steven Michiels en Jonas De Wit

Meer info?
Contacteer Cies Gysen
 
Advocaat - vennoot 
t 015/40 49 40 of cies.gysen@gdena-advocaten.be

Contacteer Steven Michiels
Advocaat - vennoot 
t 015/40 49 40 of steven.michiels@gdena-advocaten.be

Contacteer Jonas De Wit
Advocaat - Departementshoofd Global
t 015/40 49 40 of lonas.dewit@gdena-advocaten.be