Het Decreet Lokaal Bestuur, die Unvollendete?

Het Decreet Lokaal Bestuur, die Unvollendete?

3 oktober 2019

De integratie van gemeente en OCMW was ongetwijfeld één van de speerpunten van het vorige regeerakkoord, met een impact op de lokale besturen die vandaag nog nazindert. Het stof is dienaangaande nog niet helemaal gaan liggen en de nieuwe Vlaamse regering Jambon I heeft voor de lokale besturen op organiek vlak alweer één en ander in petto.

Enigszins paradoxaal verwijst het regeerakkoord hoopvol naar “regelluwe zones ” en “toekomstbestendige regelgeving”, maar stelt tegelijk nieuwe bijsturingen van zeer recente -en al bijgestuurde- wetgeving, zoals het Decreet over het Lokaal Bestuur, in het vooruitzicht.

Kersvers Minister van Binnenlands Bestuur Bart Somers wacht de uitdaging om bij te sturen zonder te verontrusten. Als winnaar van de World Mayor Prize 2016 is hij alvast erg vertrouwd met de uitdagingen, bekommernissen en realiteit van de lokale besturen.

Schaalvergroting, autonomie, vereenvoudiging en een sterke lokale democratie zijn daarbij de sleutelwoorden.

Vrijwillige fusies

De nieuwe Vlaamse meerderheid wil sterke en bestuurskrachtige lokale besturen creëren door het ondersteunen van schaalvergroting. Deze schaalvergroting gebeurt op vrijwillige basis.

Lokale besturen kunnen vrij kiezen of en met wie ze wensen te fusioneren. De lokale besturen leggen de voorstellen tot fusie voor aan de Vlaamse Regering die al of niet een decretaal initiatief kan nemen.

De Vlaamse Regering werkt een financieel ondersteuningspakket uit voor fusieoperaties die een bepaalde minimale schaalgrootte bereiken en ingaan vanaf de nieuwe lokale bestuursperiode in 2024. Deze financiële ondersteuning, die opnieuw de vorm aanneemt van schuldovername, wordt gedifferentieerd naargelang de bereikte schaalgrootte. Daarmee lijkt de Vlaamse Regering kleine fusiegemeenten te willen ontmoedigen.

Naast de schuldovername zal er ook nu een garantieregeling voor het gemeentefonds van toepassing zijn waardoor de nieuwe fusiegemeenten, nooit minder ontvangen dan de som van de afzonderlijke lokale besturen.

De Vlaamse Regering lijkt geen directe (financiële) sancties te voorzien voor besturen die niet tot fusie wensen over te gaan.

Regiovorming met vaste regio's

De Vlaamse Regering wenst in te zetten op een andere vorm van schaalvergroting, met name regiovorming. Deze regiovorming moet van onderuit worden opgebouwd en gedragen door de lokale besturen. De burgemeesters van de betrokken lokale besturen vormen de spil van deze regiovorming.

Om tot een grotere coherentie te komen en deze regiovorming te stimuleren, zal de Vlaamse Regering, verder bouwend op de reeds uitgevoerde regioscreening, vaste regio's afbakenen waarbinnen alle vormen van intergemeentelijke samenwerking, zowel de bestaande als nieuwe, moeten plaatsvinden (behoudens zij die op een hogere schaal georganiseerd zijn). Dit moet de huidige verrommeling tegengaan en leiden tot minder mandaten.

Bestaande drempels, die verhinderen dat samenwerkingsverbanden fuseren, worden weg gewerkt. De Vlaamse overheid zal de eigen regionale afbakeningen afstemmen op deze regio's. Er wordt een kader uitgewerkt dat bijkomende instrumenten bevat om de regiovorming te ondersteunen (bv. rond herverdelingsproblematieken tussen de betrokken lokale besturen).

Hoewel de burgemeesters een belangrijke actor zijn, lijkt dus de regiovorming, in tegenstelling tot de fusies, veel minder vrijwillig.

Autonomie en toezicht

De Vlaamse overheid focust op de ondersteuning en coaching van de lokale besturen. Als voogdijoverheid stelt Vlaanderen zich op als kennispartner die vertrouwen schenkt aan zijn lokale besturen. De Vlaamse overheid concentreert zich op het definiëren van strategische beleidsambities en de algemene spelregels. Dit betekent dat de lokale besturen meer autonomie krijgen en bevoegdheden om aan deze beleidsambities invulling te geven, waar mogelijk conform het subsidiariteitsprincipe, worden overgeheveld naar het lokaal niveau.

Het algemeen bestuurlijk toezicht wordt op een restrictieve manier toegepast en beperkt zich tot wettigheidstoezicht. Het goedkeuringstoezicht wordt verder afgebouwd.

Het regeerakkoord stelt bovendien het primaat van de politiek voorop door er over te waken dat de departementen hun bevoegdheden niet te voluntaristisch uitoefenen.

De organieke regelgeving wordt verder vereenvoudigd.

Lokale verkiezingen

Bij het neerleggen van de lijst voor lokale verkiezingen dient ingeval van een kartellijst meegedeeld te worden of de kandidaten van de verschillende partijen op de kartellijst al dan niet 1 of meerdere fracties in de gemeenteraad zullen vormen. De kandidaten geven eveneens aan tot welke fractie ze desgevallend zullen behoren.

Het regeerakkoord vermeldt de afschaffing van de opkomstplicht bij de lokale en provinciale verkiezingen.

Het regeerakkoord versterkt bovendien de impact van de kiezer bij gemeenteraadsverkiezingen.

De lijsttrekker van de grootste lijst krijgt na de verkiezingen 14 dagen het exclusief initiatiefrecht om een meerderheidscoalitie op de been te brengen.

Slaagt hij of zij daar niet in, dan gaat het initiatiefrecht over naar de tweede grootste lijst en wordt desgevallend verder de afnemende volgorde van stemmenaantal van de lijsten gehanteerd. Hierbij stelt zich de vraag of dit initiatiefrecht méér is dan een moreel ererondje van de overwinnende lijst, vermits het wellicht de intenties van andere partijen niet zal onderuit halen.

De burgemeester, die voortaan mag kiezen tussen de huidige (tricolore) burgemeesterssjerp of de huidige (zwart-gele) schepensjerp, wordt de kandidaat met de meeste voorkeurstemmen van de grootste fractie van de coalitie. Daarnaast verdwijnt de lijststem. Het regeerakkoord voorziet dus in een quasi-rechtstreekse verkiezing van de burgemeester. Hiervoor is uiteraard vereist dat het initiatierecht van de grootste lijst niet louter symbolisch is.

De installatievergadering van de nieuwe gemeenteraden vindt vanaf de verkiezingen van 2024 plaats op een van de eerste vijf werkdagen van december van het jaar van de verkiezingen in plaats van begin januari. Een nieuwe lokale bestuursperiode begint voortaan een maand vroeger.

De constructieve motie van wantrouwen duikt opnieuw op. Hoewel deze figuur reeds was vooropgesteld in het Evaluatierapport Structurele onbestuurbaarheid van 2015, bleef de procedure van de structurele onbestuurbaarheid, ondanks de vele kritieken en debatten hierover, toch behouden in het decreet over het lokaal bestuur. Het huidige regeerakkoord voorziet alsnog in de invoering van de constructieve motie van wantrouwen., zodat de onbestuurbaarheid van een gemeente vermeden kan worden. Dit instrument kan volgens de huidige teksten enkel worden ingezet met de steun van 2/3de van de verkozenen van elk van de indienende fracties en niet in de eerste 12 maanden na de installatie van de gemeenteraad noch in de laatste 12 maanden voor de lokale verkiezingen.

Verzelfstandiging

Het regeerakkoord stelt een vereenvoudiging van het scala aan verzelfstandigings- en samenwerkingsvormen voor. Hierbij staat de aandacht voor de democratische aansturing en verantwoording voorop, alsmede duidelijke spelregels voor de samenwerking tussen de publieke en de private sector.

Het is verwonderlijk dat enkel m.b.t. de welzijnsverenigingen in het regeerakkoord al een tipje van de sluier wordt gelicht. Zij krijgen de mogelijkheid om performanter te worden. De steden en gemeenten blijven de doelstellingen en de activiteiten van deze welzijnsvereniging bepalen door een gegarandeerd meerderheidsaandeel en strategisch zeggenschap. Private partners kunnen toetreden tot deze structuur.

Bij de totstandkoming van het Decreet over het Lokaal Bestuur ging inderdaad de aandacht vooral naar de integratie van gemeente en OCMW. In 2017 werd niet de tijd genomen om bestaande wetgeving kritisch tegen het licht te houden en de gemeentelijke en OCMW-verzelfstandigingsvormen op elkaar af te stemmen en te rationaliseren. Hieraan wenst men nu blijkbaar te remediëren.

Beleids- en beheerscyclus

De nieuwe meerderheid zal de regelgeving en documenten eigen aan de beheers- en beleidscyclus (BBC) screenen, specifiek met het oog op het vergroten van de leesbaarheid ervan, in het bijzonder voor de leden van de gemeenteraad.

GD&A Advocaten kijkt samen met u alvast reikhalzend uit naar de verdere uitwerking van één en ander in de sectorale beleidsnota's. Varietas delectat.

Meer info bij de onderstaande auteurs?

Contacteer Cies Gysen
Advocaat-vennoot
t 015/40 49 40 of cies.gysen@gdena-advocaten.be

Contacteer Steven Michiels
Advocaat-vennoot
t 015/40 49 40 of steven.michiels@gdena-advocaten.be

Contacteer Jonas De Wit
Advocaat-departementshoofd
t 015/40 49 40 of jonas.dewit@gdena-advocaten.be