Vermelding van beroepsmogelijkheden bij de Raad van State - vaak vergeten, maar uiterst belangrijk

Vermelding van beroepsmogelijkheden bij de Raad van State - vaak vergeten, maar uiterst belangrijk

Elk besluit van een administratieve overheid (een eenzijdige, administratieve rechtshandeling) met een individuele strekking, dient door de overheid individueel (persoonlijk) ter kennis worden gebracht (kennisgeving of betekening) van de betrokkene(n). Zonder deze kennisgeving begint de beroepstermijn voor het instellen van een verzoekschrift tot nietigverklaring bij de Raad van State (60 dagen), niet te lopen.

Dit principe is de meeste besturen bekend. Evenwel, voegt artikel 19, tweede lid van de Gecoördineerde Wetten op de Raad van State hier een erg belangrijke verplichting aan toe. Bij de kennisgeving van de beslissing dient de beroepsmogelijkheid bij de Raad van State expliciet te worden vermeld. De sanctie, bij het niet naleven van deze bepaling, is dat de voornoemde beroepstermijn pas start 4 maanden na de kennisgeving, zodat men in feite 6 maanden tijd heeft om de betreffende beslissing aan te vechten bij de Raad van State.

Artikel 19, 2de lid van de gecoördineerde wetten op de Raad van State bepaalt namelijk het volgende:

De verjaringstermijnen voor de beroepen bedoeld bij artikel 14, § 1, nemen alleen een aanvang  op  voorwaarde  dat  de  betekening  door  de  administratieve  overheid  van  de  akte  of  van  debeslissing  met  individuele  strekking  het  bestaan  van  die  beroepen  alsmede  de  in  acht  te  nemen vormvoorschriften  en  termijnen  vermeldt.

Indien  aan  die  verplichting  niet  wordt  voldaan  dan nemen de verjaringstermijnen een aanvang vier maanden nadat de betrokkene in kennis werd gesteld van de akte of van de beslissing met individuele strekking.

Hoewel deze sanctie al in 2006 werd ingevoerd, is dit principe nog niet bij alle besturen bekend. Vaak wordt gedacht dat de beroepstermijnen reeds lang zijn verstreken, waarna de betrokkene via het achterpoortje van artikel 19, tweede lid, toch nog een ontvankelijk verzoekschrift tot nietigverklaring kan instellen.

 

Mogelijke formulering bij een kennisgeving:

In toepassing van artikel 19, tweede lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State wordt u ervan op de hoogte gesteld dat een verzoekschrift tot nietigverklaring bij de Raad van State kan worden ingediend tegen de bijgevoegde beslissing.

Het verzoekschrift moet, gedateerd en ondertekend, vergezeld worden van het vereiste aantal eensluidend verklaarde afschriften en van een afschrift van de bestreden beslissing en bevat:

• het opschrift 'verzoekschrift tot nietigverklaring' als het niet eveneens een vordering tot schorsing bevat;
• de naam, hoedanigheid en woonplaats of zetel van de verzoekende partij, en in voorkomend geval, de gekozen   woonplaats;
• het voorwerp van het beroep en een uiteenzetting van de feiten en de middelen;
• de naam en het adres van de verwerende partij

De termijn voor het indienen van een beroep bij de Raad van State bedraagt 60 dagen vanaf deze kennisgeving. Op hetzelfde ogenblik als zij haar verzoekschrift indient, stuurt de verzoekende partij een kopie daarvan ter informatie aan de verwerende partij. De verzoekende partij mag zich laten vertegenwoordigen of bijstaan door een advocaat.

De verzending naar de Raad van State gebeurt bij ter post aangetekende brief naar het volgende adres: Wetenschapsstraat 33 — 1040 Brussel.

Meer informatie op http://www.raadvst-consetat.be/ , doorklikken naar 'procedure' > 'bestuursrechtspraak'.