Vernieuwing raden van bestuur extern verzelfstandigde agentschappen: geen eenvoudige oefening

Vernieuwing raden van bestuur extern verzelfstandigde agentschappen: geen eenvoudige oefening

Met de vernieuwing van de gemeenteraden in januari 2013 dienen ook de raden van bestuur van de extern verzelfstandigde agentschappen van de gemeenten (meestal autonome gemeentebedrijven en VZW's) eveneens te worden hernieuwd. Diverse decreetwijzigingen en overgangsregelingen zorgen er voor dat dit geen eenvoudige oefening wordt.

In de eerste plaats heeft het Decreet van 29 juni 2012 tot wijziging van het Gemeentedecreet de deadline voor de aanpassing van autonome gemeentebedrijven die opgericht zijn onder de Gemeentewet en de “gemeentelijke VZW's” aan het Gemeentedecreet verschoven naar 1 januari 2014.

Dit heeft tot gevolg dat de meeste bestaande autonome gemeentebedrijven en gemeentelijke VZW's nog niet het nodige hebben gedaan om hun statuten aan te passen. Dit laatste is ook niet verwonderlijk vermits er door de herhaaldelijke wijzigingen aan het Gemeentedecreet niet veel rechtszekerheid bestond. Het gevolg hiervan is wel dat er nog diverse autonome gemeentebedrijven en gemeentelijke VZW's actief zijn, waarop de meeste bepalingen van het Gemeentedecreet nog niet van toepassing zijn. Deze structuren dienen zich bij de wedersamenstelling van de raad van bestuur in principe dus enkel op hun statuten te baseren.

Maar ook autonome gemeentebedrijven en gemeentelijke VZW's (EVA-VZW's) die wel reeds zijn aangepast aan het Gemeentedecreet kunnen met moeilijkheden worden geconfronteerd. Het is immers zo dat vanaf 1 januari 2013 nieuwe regels omtrent de samenstelling van de raad van bestuur in werking treden.

Voor de samenstelling van de raad van bestuur van een autonoom gemeentebedrijf was het tot 8 mei 2009 zo dat het Gemeentedecreet vereiste dat elke fractie het recht had om vertegenwoordigd te zijn in de raad van bestuur.

Vanaf 9 mei 2009 gold een meer gedetailleerde regeling waarbij er in eerste instantie een voorafname werd gedaan van één vertegenwoordiger per fractie. Vervolgens werd het saldo evenredig verdeeld over meerderheid en oppositie. Ten slotte gebeurde een evenredige verdeling binnen de groep van de meerderheid en hetzelfde binnen de groep van de minderheid. Indien de bestuursmeerderheid niet minstens de helft van het aantal bestuurders kon voordragen, verviel de voorafname van één vertegenwoordiger per fractie. Deze regeling werd in diverse statuten van nieuw opgerichte autonome gemeentebedrijven en EVA-VZW's opgenomen.

Vanaf 1 januari 2013 wordt opnieuw de vorige regeling van toepassing, die inhoudt dat elke fractie het recht heeft om vertegenwoordigd te zijn. Deze regeling is minder streng en kan zorgen voor een ruimere vertegenwoordiging van de bestuursmeerderheid. Maar de vorige decretale regeling moet wel nog worden gevolgd indien ze in de statuten is opgenomen. Deze kan eventueel voorafgaand worden gewijzigd. Indien het extern verzelfstandigd agentschap actief is in de sectoren sport en cultuur dient wel de cultuurpactwetgeving te worden nageleefd, die een evenredige vertegenwoordiging voorschrijf.

Het Gemeentedecreet voorziet vanaf 1 januari 2013 ook in de mogelijkheid om alle leden van de gemeenteraad te benoemen tot lid van de raad van bestuur. Maar deze mogelijkheid zal de facto slechts kunnen worden toegepast vanaf het ogenblik dat het betrokken autonoom gemeentebedrijf start met de beleids- en beheerscyclus. Tot dan wordt een autonoom gemeentebedrijf immers gecontroleerd door een college van commissarissen, waar twee gemeenteraadsleden deel van uitmaken en die kunnen niet tegelijk zetelen in de raad van bestuur.

De samenstelling van de nieuwe raden van bestuur wordt dus in veel gemeenten een moeilijke evenwichtsoefening. GD&A Advocaten kan u ter zake uiteraard adviseren en begeleiden.

 

 Meer info?                  

Contacteer Steven MICHIELS
Advocaat-vennoot
Tel 015/40.49.40 of steven.michiels@gdena-advocaten.be

Terug naar nieuwsoverzicht