Johan De Fré in huis Thuysbaert te Lokeren

Johan De Fré werd geboren te Lokeren in wat vroeger het moederhuis heette, nu het AZ Ziekenhuis, in een streng katholiek gezin met ouders zelf afkomstig uit Lokeren en Eksaarde. Johan De Fré, wordt op zijn zestiende op internaat geplaatst in het Klein-Seminarie te Sint Niklaas. Een devote roeping zoals zijn ouders misschien wel gewenst hadden was voor Johan niet aan de orde, hij wilde liever naar de academie van schone kunsten. Over de periode die volgde schrijft Johan:

“En dan begon de levenslange strijd, het dubbel-leven, zwemmen in woelige waters. Enerzijds hoe dan ook de kost verdienen en anderzijds, dromen en vechten om schilder te worden. Om dat doel te bereiken is er heel veel gemaakt en ook heel veel kapot gemaakt. Om dat doel te bereiken is er meer dan één hart gebroken of minstens ernstig beschadigd. ’t Is maar eerlijk dat mijn eigen hart er ook bij was. Dat devoot leven, neen, dat is niet echt gelukt. Sorry moeder.”

Koppig heeft Johan De Fré zelfstandig zijn eigen weg gezocht, als kunstschilder. Over zijn zoektocht naar de eigen stijl zegt Johan:

"Na de nodige experimentele jaren ben ik tot het punt gekomen dat ik als kunstschilder, een uitstekende techniek met verf en penseel wilde demonstreren. (…) De richting waarin ik mij uiteindelijk vervolmaakte was het ‘stilleven’, mét een hedendaagse benadering maar zonder de kennis van de Oude Meesters te verloochenen.”

En dan kwam het project ‘The Immortal’, een reeks van naaktschilderijen, samen met zijn beste vriendin, soulmate en een heel goede schilder. In navolging van de Oude Meesters, hebben zij samen een aantal grote naaktschilderijen gemaakt. Met de herkenbare techniek en aanpak van de stillevens door Johan, aangevuld met de enscenering in grotere vlakken door zijn vriendin. Een duobaan met een enorme uitdaging, veel werk, veel discussies, soms ruzie, maar een fantastisch eindresultaat.

De beide collecties ‘Stillevens’ en ‘The Immortal’ zijn te bezichtigen in Huis Thuysbaert. Tijdens de tentoonstelling kan geboden worden op het werk ‘Never give all the heart’. Hieronder de boodschap van Johan bij dit initiatief:

Het werk werd eerder opgenomen in de catalogus ‘Mixed Fruit -2016’ cat.no 21 voor 6000 £. Samen met de bijbehorende installatie, wordt het geveild vanaf een bod van 2000 euro. Alles wat meer wordt geboden wordt geschonken aan UNICEF. Alle geïnteresseerden kunnen hun bod noteren op de daarvoor voorziene formuliertjes op de tafel en deponeren in de glazen container. De bieder met het hoogste bod boven 2000 euro wordt door de aangestelde deurwaarder verwittigd bij het einde van de tentoonstelling.

Nu kunst in veel gevallen gedegenereerd is tot een miljoenenhandel die geen enkel verband meer meent te moeten houden met wat het zogezegde kunstobject ‘an sich’ in feite waard is, nu kunst hoe langer hoe meer gebukt gaat onder gemanipuleerde appreciatie lijkt het niet slecht toch eens even stil te staan bij een andere realiteit van deze wereld. Vandaar de keuze voor UNICEF, omdat kinderen binnen de wereld-poppenkast nooit hun eigen lot kunnen bepalen maar toch dikwijls slachtoffer zijn.”

Johans visie over “Een goed schilderij".

Tijdens een groot deel van mijn leven ben ik op zoektocht gegaan naar de absolute definitie van ‘een goed schilderij’.

Ik vond die nergens, maar in de loop der jaren heb ik wel gewerkt aan een persoonlijke omschrijving.

Een goed schilderij steunt op creativiteit en een zeker vakmanschap in de uitvoering. Een ‘boodschap’ kan maar moet niet en ‘mooi’ is niet verboden.

Ik bedoel maar dat de ‘intrinsieke waarde’ van een schilderij enkel wordt bepaald door wat het werk is ‘an sich’. Onafhankelijk van de handtekening, onafhankelijk van de locatie of muur waar het hangt, onafhankelijk van wat dan ook door wie dan ook er over geschreven of gezegd wordt.

Een schilderij dient om te bekijken.

"Een goed schilderij, zonder handtekening, naast de vuilbak op straat, wordt meegenomen vooraleer de vuilkar langskomt."